Het Lysefjord en het bijhorende natuurgebied Frafjordheiane vormen een paradijs voor elke wandelaar die van avontuur en ongerepte natuur houdt. De echte bezienswaardigheden zoals Kjeragbolten en Preikestolen zijn uiteraard drukbezocht, maar wie de meest begane paden verlaat, zal al snel merken dat je nog weinig andere toeristen tegenkomt. Dé plek dus voor elke natuurliefhebber, die ook geniet van de rust.
1. Transport
Een trekking rondom het Lysefjord brengt logistiek wel wat denkwerk met zich mee. Een parking om je auto achter te laten vinden waar je op het einde van je tocht makkelijk weer naartoe kan is niet zo evident. Openbaar vervoer is er ook nauwelijks en dus is het nodige puzzelwerk vereist om zowel de eerste als de laatste dag geen verloren dag te laten zijn. Een andere optie is vooraf een taxi te boeken om je op een bepaalde plek te laten ophalen en weer aan je eigen auto af te zetten.
In de omgeving van de bekendste trekpleisters is liften eveneens een haalbare optie. Veel campers en andere auto's in de omgeving van bijvoorbeeld "Kjerag" brengen je met plezier naar het lager gelegen dorpje Lysebotn.
Voor het overige blijven een degelijk paar wandelschoenen uiteraard het belangrijkste vervoermiddel.
2. Algemene tips
De belangrijkste tip die ik kan meegeven die los staat van de standaard kledingtips, is de volgende:
- Het terrein rondom het Lysefjord is eigenlijk niet geschikt om tenten op te zetten.
De zompige ondergrond maakt dat je bijna overal in een plas water staat en dat is gewoon niet zo aangenaam. Na enkele droge weken zal hier heus wel een uitzondering op gevonden worden, maar over het algemeen is het erg moeilijk om een goede plek te vinden. De omgeving van Preikestolen heeft hier en daar wel leuke plekjes waar een tent kan staan. Voor het overige sta je bijna letterlijk in het moeras.
Belangrijke overweging dus alvorens je aan je trekking begint: wil ik dit doen met een tent of kies ik voor de DNT-hutten die je onderweg kan vinden?
Ga je toch met de tent de regio verkennen, wees dan zeker van het feit dat:
- je tent waterdicht is
- je een extra beschermend grondzeil hebt
- je een extra schepje moraal in je rugzak steekt
Kies je voor een huttentocht, dan hoef je bitter weinig materiaal zelf te voorzien. Een liner is voldoende om gebruik te maken van de bedden, je eigen slaapzak kan natuurlijk ook. De verschillende hutten verspreid over de omgeving zijn van dusdanig goede kwaliteit dat een overnachting hier alleen maar een positieve ervaring kan zijn. Ik zet de belangrijkste info even op een rijtje:
- Sommige hutten zijn bemand door vrijwilligers, andere zijn onbemand
- Via de DNT-app kan je alle hutten terugvinden, boeken en betalen
- Vooraf reserveren is niet noodzakelijk maar wel handig
- Eén nacht kost +- €50 per persoon
- Betalen kan ook achteraf nog, wanneer er gsm-signaal is
- Er zijn gasvuren ter beschikking, maar het aanbod aan eten is eerder beperkt
- Laat je plek altijd weer proper achter voor de volgende wandelaars!
Voor het overige zijn in het regenachtige Noorwegen een goede regenjas en regenbroek uiteraard onmisbaar.
3. Lysefjord trekking
Zoals ik al eerder vermeldde is een goede startplek vinden een belangrijk dingetje. Niemand wandelt graag 15 km over asfalt op zijn eerste of laatste dag. Natuurlijk speelt ook de planning van je dagen mee en vooral om die reden koos ik ervoor om te parkeren bij Røssdalen Camping. Een betalende parking, dat wel, de automaat staat enkele honderden meters voor je de parking effectief bereikt.
Vanaf deze parking is het nog ongeveer 2 km om de campingplek te bereiken. Een plek waar je trouwens wel goed kan kamperen en behalve van de muggen heb je er van niets of niemand last. Verder staat er ook een WC die nog steeds te gebruiken is. De ideale situatie om later op de dag nog toe te komen en om zo de volgende ochtend meteen te kunnen vertrekken.
Belangrijk! Hier starten doe je enkel wanneer je heel erg houdt van een niet altijd gemakkelijk te vinden pad en heel veel avontuur. Het pad dat hierop volgt is soms amper zichtbaar en dus is een GPS-horloge ook onmisbaar.
Heb je een extra dag en ben je niet zo avontuurlijk ingesteld maar wil je toch graag deze regio verkennen? Kies dan met zekerheid om pas vroeg in de ochtend van vertrek toe te komen aan deze parking in Øvre Espedal. De alternatieve route die je hier vindt is een stuk eenvoudiger en bovendien ook het echte officiële wandelpad.
Moeilijke passages over rotsen en door rivieren.
Ik koos voor de moeilijke route, al wist ik dat toen nog niet. De Røssdalen camping is alleszins prachtig en waarschijnlijk ben je ook de enige die er de nacht doorbrengt. Heerlijk! Ook de eerste 2,5 tot 3 km gaan best vlot, als je bij vertrek vrijwel meteen voor de rechtse splitsing kiest toch. Opnieuw iets wat ik achteraf pas zou ontdekken. Wie links kiest, verliest behoorlijk wat tijd om later het rotsenveld over te steken en zo toch rechts uit te komen. Eens aangekomen bij het heel erg mooie Indravatnet wordt het plots allemaal net iets moeilijker. Via een steile klim, rechts over enkele rotsen, kom je op een soort van pad uit dat vanaf dan meer verdwijnt dan zichtbaar blijft. Het is duidelijk dat hier niet veel wandelaars passeren en dat heeft absoluut zijn positieve kanten. Zo kwam ik gedurende de hele dag niemand tegen!
Het blijft echter wel een hele dag zoeken en ploeteren doorheen moerassig terrein met ook regelmatig een oversteek doorheen een rivier met water tot aan kniehoogte.
Ikzelf vond het best nog wel een leuke ervaring, zeker achteraf, maar deze route is dus niet geschikt voor kinderen of wandelaars zonder ervaring. Het is zonder twijfel de mooiste van de twee routes maar ook veruit de moeilijkste waarop ik ooit mijn weg heb moeten zoeken.
Mijn route eindigt aan een privéhut waar we vlakbij onze tenten opgezet hebben, 1 km verder en hogerop ligt er de Blåfjellenden DNT-hut waar je eveneens kan overnachten.
De zware maar prachtige route doorheen de Noorse wildernis.
Dag 2 begint met de nog steeds natte schoenen van gisteren, maar het pad is veel beter toegankelijk en aangeduid, al blijft het nog steeds doorheen natte ondergrond de beste weg zoeken. Zo mag je de tijd die nodig is om een kilometer af te leggen, zeker niet onderschatten.
Je tocht gaat doorheen de Blåstøldalen-vallei met hier en daar een passage over laagstaand water. Dat water is met behulp van enkele stenen vaak te overschrijden zonder natte voeten te krijgen.
Doordat je nu gebruikmaakt van een officieel pad, dat te volgen is met de rode T, zal je al net iets vaker mensen tegenkomen die ook door deze mooie regio trekken. Leuk om wat contacten te leggen met de lokale schapenherders of andere actieve reizigers.
De route eindigt bij het Langavatnet, een langwerpig meer waar ook de Langavatn DNT-hut gevestigd is. Een ideale en vooral droge slaapplek.
Etappe 3 brengt je naar één van de hoogtepunten uit de omgeving: Kjeragbolten. Er wacht je opnieuw een stevige trekking naar deze drukbezochte plek. Het is de inspanning alleszins wel waard, als het mooi weer is. Op een erg grijze is de kans groot dat het schitterende uitzicht je ontnomen zal worden door laaghangende bewolking. Een korte opklaring kan echter voldoende zijn om toch te kunnen genieten van het zicht, probeer het dus toch maar.
Na een goeie 6 km wandelen over variërende ondergrond en langs prachtige bergmeertjes, draai je links af en klim je met behulp van kettingen een steile rotszone naar boven. Let goed op wanneer het regenachtig is, de rotsen kunnen glad zijn! Eens boven aangekomen wacht je nog een korte afdaling richting Kjeragbolten. Het is dan vaak een kwestie van de dagjestoeristen te volgen richting de rots.
De moeilijkheid van de afdaling richting de hoofdparking beschreef ik reeds hier. De kettingen en steile afdalingen, in combinatie met het mogelijk koude en natte weer, kunnen er een helse klus van maken. Begin dus goed voorbereid aan deze etappe!
Wanneer je beneden aankomt is het zaak om een lift naar Lysebotn te vinden of een plaats op de bus te reserveren. In dit dorpje kan je kamperen op een camping of gebruikmaken van een DNT hut of B&B.
Meer info over de dagwandeling naar Kjeragbolten kan je terugvinden in het stuk over Zuid-Noorwegen.
Schitterende wandelpaden richting Kjeragbolten.
De slotetappe begint niet al wandelend maar met de boot. In Lysebotn is een kleine haven waar je de boot naar verschillende plekken aan de oever van het Lysefjord kan nemen. Ideaal om een halte uit te kiezen en van daaruit weer verder te gaan. Ofwel richting je auto, of naar ergens anders waar je vervoer voorzien hebt. De trekking nog enkele dagen verderzetten kan natuurlijk ook.
Ik koos voor Flørli als halte omdat dit het dichtste bij de parking van de auto is én omdat hier de 4444 houten trappen te vinden zijn. De hoogste houten trap ter wereld loopt via een pijpleiding naar boven toe. Ongelooflijk.
Omdat de trappen zelf me te ver, van de zo al verre, eindbestemming zou leiden bleef het hier bij een blik werpen op de indrukwekkende constructie. Even verderop begon ik aan de klim richting de parking. Een steile onderneming die wel via een deftig pad verloopt en je regelmatig enkele mooie uitzichten geeft.
Opnieuw een prachtige route dus doorheen een ongerept stukje Noorwegen. De laatste kilometers verlopen via vlonderpaden tot het moment dat je na ongeveer 13,5 km de asfaltbaan bereikt. Hierna is het helaas nog iets teveel kilometers afleggen om de parking te bereiken maar de situatie laat geen andere mogelijkheid toe.
Hoe dan ook een pittige maar heel erg mooie trekking door deze fantastische omgeving!
Starten met de boot tot aan de trappen in Flørli.
Het Lysefjord verschijnt nog regelmatig in beeld om uiteindelijk via enkele vlonderpaden het einde te bereiken.